Dividendbelasting blijft!

De dividendbelasting zal blijven. Het kabinet heeft definitief besloten de veelbesproken afschaffing definitief van tafel te halen. De € 1,9 miljard, die jaarlijks vrijkomt door het behouden van de dividendbelasting, zal via een reeks maatregelen besteed worden aan het Nederlandse bedrijfsleven. Een aantal punten uit dit pakket zullen wij hieronder bespreken.

Verlaging Vpb-tarief
Het hoge Vpb-tarief zal verder verlaagd worden. In het Belastingplan 2019 werd nog gesproken over 22,25% per 2021, nu zal dit 20,5% worden. Om het MKB van een impuls te voorzien, zal het lage Vpb-tarief in 2021 zakken van 16% naar 15%. Dit is 1% extra ten opzichte van het Belastingplan.

Rekening-courantmaatregel
Er zal een verzachting komen voor de ingrijpende maatregel voor directeuren-grootaandeelhouders. Zowel bestaande als nieuwe eigenwoningschulden van de DGA zullen uitgezonderd zijn van de maatregel. Bovenop deze eigenwoningschuld zal een aanvullende drempel van €500.000 voor de DGA en zijn partner gezamenlijk gelden, de eigenwoningschuld telt dan niet meer mee voor deze €500.000.

Beperking afschrijven gebouwen in eigen gebruik
In het Belastingplan is bepaald dat op gebouwen voor de VPB-winstbepaling maximaal tot de WOZ-waarde mag worden afgeschreven. Als verzachtende maatregel mag de belastingplichtige nu alsnog 3 jaar volgens het oude regime afschrijven, zolang het gebouw vóór 1 januari 2019 door de belastingplichtige in gebruik is genomen en er nog geen 3 jaar is afgeschreven.

Wet Bronbelasting
Naast dit fiscale maatregelenpakket zal de Wet Bronbelastingen 2020, waarin de afschaffing van dividendbelasting was opgenomen, vooralsnog doorgang vinden. Wel zal de inbrengdatum uitgesteld worden. In de Wet Bronbelasting zullen onder andere bronbelasting op rente en royalty’s naar laag belastende jurisdicties uitgewerkt worden.



Naar het overzicht